Hoe word je natuurgids in Zuid-Afrika ?

Matthias Degraeve (25) is al een hele poos in de ban van Zuid-Afrika. Vorige zomer volgde hij een opleiding tot natuurgids in het Karongwe Game Reserve, aan de rand van het Kruger National Park.

 

 


Matthias: ‘Eco Training is een pionier op het terrein van opleidingen voor natuurgidsen. De organisatie werkt met professionele instructeurs en heeft trainingscentra in verschillende natuurgebieden. De cursussen worden ook erkend door de FGASA, de Field Guide Association of South Africa die waakt over de kwaliteit van de natuurgidsen in de nationale parken en natuurreservaten. Ik koos voor de basiscursus Field Guide, een opleiding waarbij je maand lang in een bushcamp leeft en zowel praktische als theoretische kennis opdoet over de natuur.

 

Waar kwam je precies terecht ?

Matthias: ‘De cursus ging door in het Karongwe Game Reserve, een privaat natuurreservaat in het zuidwesten van het Kruger Park, in de provincie Limpopo. Het natuurgebied heeft een heel gevarieerd landschap met zowel savanne, heuvels en bossen. Je vindt er ook de Big Five, op uitzondering van de buffel. Een ideale omgeving dus om praktijkkennis als natuurgids op te doen. Het dichtstbijzijnde stadje is Hoedspruit van waar je dan met een 4x4 van Eco Training naar het kamp gebracht wordt. De organisatie heeft echter ook een shuttle busje waarmee ze cursisten afhalen op de luchthaven van Johannesburg. Dan is het nog een vijftal uren rijden naar Hoedspruit en vandaar nog een klein uur met de 4x4 naar het kamp.

Het Karongwe kamp zelf ligt aan de oever van een rivier en is niet omheind waardoor we regelmatig wilde dieren op bezoek kregen. ’s Nachts zijn hyena’s vaste gasten maar ook olifanten, cheetahs en leeuwen durven wel eens langskomen. Een keer trof ik ook een kudu aan in het washok. Het kamp biedt onderdak aan een twintigtal personen. Slapen deden we in tweepersoonstenten en in het midden van het kamp vormen vier grote ‘decks’, een soort platforms op palen, een vierkant rond het kampvuur. Die doen dienst als eet- en lesplekken. Er is geen electriciteit en studeren gebeurt dus ’s avonds bij het licht van parrafinelampen.

 

 

Wie waren de andere cursisten ?

Matthias: We waren in totaal met veertien cursisten. Een heel gevarieerd gezelschap overigens van verschillende nationaliteiten en leeftijden. In mijn groep zaten zowel Zuid-Afrikanen en Britten als Kenianen en Duitsers, verder ook  nog een  Amerikaan en ikzelf als Belg. De leeftijd schommelde tussen 19 en 55 jaar en ook de professionele achtergrond van de deelnemers was heel divers. Heel verschillend dus maar allemaal waren het pure natuurfreaks. 

 

Hoe zag het dagschema eruit ?

Matthias: Het is best wel een veeleisende cursus. Ik was er een volle maand en in die periode had ik welgeteld één vrije dag. Er werd een strak schema gevolgd. Om 6 uur liep de wekker af en begonnen we met een natuurexcursie te voet of met de Landrover. Wie in die periode de cursus volgt doet er trouwens goed aan om een goede slaapzak en warme kleren mee te nemen want het kan er behoorlijk koud zijn ’s nachts en ’s morgens.  Rond half elf was er het ontbijt gevolgd door 2 tot 3 uur les over fauna en flora en thema’s zoals natuurbeheer en ecotoerisme. ’s Middags was er een pauze van enkele uren maar die tijd was echt wel nodig om de leerstof in te studeren. Iedere week moesten we trouwens een test afleggen.  ’s Avonds werd afgesloten met een wandeling of een night-drive.

 

Wat voor leerstof kreeg je er voorgeschoteld ?

Matthias: Eigenlijk ging het om een basiscursus voor gidsen die later aan de slag willen als ‘field guide’ in een natuurreservaat of bij een safari bedrijf. Er werd veel aandacht besteed aan basiskennis van fauna en flora maar er kwam ook veel veldwerk bij kijken. Dagelijks spendeerden we minimaal acht uur aan het bestuderen van de natuur. Bomen en planten herkennen, het gedrag van dieren kunnen interpreteren, sporen lezen maar ook met een Landrover leren rijden in de bush, een game drive of wandeling plannen, een bush camp opzetten en omgaan met wapens in noodgevallen, zaten in het cursuspakket. Aan het einde van de opleiding was er zowel een schriftelijke als praktijktest waarbij we zelf een gidsbeurt moesten geven.

 

Wat kun je nu in de praktijk aanvangen met dergelijke opleiding ?

 

Matthias: Deze cursus was een start, een basis waar verder kan op gebouwd worden. Voor wie als gids in de sector van het ecotoerisme wil werken is dit trouwens een verplichte opleiding. Een Field Guide wordt getraind om toeristen te begeleiden in de bush en om op een interessante en betekenisvolle manier de natuur te interpreteren. Tijdens een ‘game drive’ ben je zowel gids, leraar, vriend, wildopzichter, dokter, verteller als kok voor je gasten. Daarom ook dat deze basiscursus zo divers was. Nu kan ik bijvoorbeeld aan de slag in een privaat wildpark of bij een safari organisatie.

 

INFO

Op de website van Ecotraining (www.ecotraining.co.za) vind je uitgebreide informatie over de diverse cursussen. De cursus (1 maand) die Matthias volgde kostte alles samen zo’n 2000 euro.

 

(Dit artikel verscheen ook in de Reiskrant, nr. 168. Matthias is op zondag 8 maart te gast op Reismarkt waar hij geïnterviewd wordt over zijn ervaringen in Zuid-Afrika)